Informatieprotocol

Prisma beschikt over grote hoeveelheden gegevens (bewerkt en onbewerkt) over kwaliteit in de parketten en gerechten. Deze gegevens worden beschouwd als eigendom van de organisatie waar het om gaat, maar zijn vaak - in bewerkte vorm - niet alleen interessant voor die organisatie, maar ook voor andere rechterlijke organisaties, de ‘hoofdkantoren’ (Raad voor de rechtspraak en Parket Generaal) en voor de buitenwereld.
Prisma vindt het belangrijk vast te leggen hoe zij - onverminderd het bepaalde in de Wet openbaarheid van bestuur - met die gegevens omgaat. Dat vindt u in dit informatieprotocol. Het protocol is van toepassing op alle activiteiten van Prisma, tenzij het op een bepaalde activiteit uitdrukkelijk niet van toepassing is verklaard. Uiteraard kunnen per activiteit aanvullingen op dit protocol worden overeengekomen.

Artikel 1
Prisma onderscheidt de volgende categorieën gegevens:
Gegevens die niet herleidbaar zijn naar individuele personen of organisaties.
Gegevens die herleidbaar zijn naar individuele personen.
Gegevens die herleidbaar zijn naar individuele organisaties.
Gegevens over groepen van personen
Gegevens over groepen van organisaties
Gegevens afkomstig uit Prismaweb

Artikel 2
Prisma onderscheidt de volgende soorten gegevens:
Inhoudelijke gegevens (bijvoorbeeld: de scores van een rechtbank in een medewerkerstevredenheidsonderzoek)
Gegevens met betrekking tot toepassing van instrumenten (bijvoorbeeld: parket Y doet dit jaar een positiebepaling en een klantwaarderingsonderzoek)

Artikel 3
Alle niet-herleidbare gegevens, zowel inhoudelijk als met betrekking tot de toepassing van instrumenten, kunnen te allen tijde door Prisma worden gebruikt voor publicaties, zowel binnen als buiten de RO. Prisma kan deze gegevens op verzoek ter inzage geven.

Artikel 4
Gegevens die herleidbaar zijn naar individuele personen zijn vertrouwelijk, ongeacht of deze gegevens inhoudelijk zijn dan wel dat zij betrekking hebben op de betrokkenheid van deze persoon bij toepassing van instrumenten.

Artikel 5
Inhoudelijke gegevens die herleidbaar zijn naar individuele organisaties zijn in beginsel bestemd voor de desbetreffende organisatie. Prisma geeft geen inzage in die gegevens aan anderen of andere organisaties, tenzij met toestemming van de desbetreffende organisatie. Prisma kan, indien zij onderzoek wil doen, zoals vergelijkingen met andere organisaties, benchmarks en dergelijke, de gegevens daarvoor gebruiken. Dergelijke onderzoeken kunnen worden gepubliceerd.

Artikel 6
Gegevens met betrekking tot de toepassing van instrumenten, die herleidbaar zijn naar individuele organisaties, zijn niet vertrouwelijk. Prisma kan de in de vorige zin bedoelde gegevens op verzoek ter inzage geven, ook aan anderen dan de desbetreffende organisatie. Voorts kunnen ze door Prisma worden gebruikt voor onderzoek en publicatie.
Hetzelfde geldt voor gegevens over groepen van personen en gegevens over groepen van organisaties.

Artikel 7
Prisma geeft, anders dan in publicaties, uit zichzelf geen gegevens ter inzage aan anderen dan de persoon of de organisatie die het betreft. Indien door anderen om inzage in gegevens wordt verzocht kan Prisma de inzage afhankelijk stellen van toestemming van de persoon of organisatie die het betreft, dan wel, indien het gaat om groepen van personen of organisaties, van de Raad voor de rechtspraak of het College van procureurs-generaal.

Artikel 8
Voor informatie die in de openbare omgeving van Prismaweb wordt uitgewisseld is degene verantwoordelijk die die informatie op Prismaweb plaatst. Prisma is bevoegd die bijdragen op Prismaweb te gebruiken voor haar onderzoeken en publicaties. Bijdragen in de niet-openbare omgeving van Prismaweb blijven vertrouwelijk.
Gegevens over het gebruik van Prismaweb zijn eigendom van Prisma en door haar te gebruiken voor onderzoek en publicatie. Tevens kan Prisma deze gegevens op verzoek ter inzage geven aan anderen.

Artikel 9
In gevallen waarin dit protocol niet voorziet beslist Prisma hoe te handelen. Zij neemt hierbij grote zorgvuldigheid in acht.